Maar het was fris, zeg maar gerust koud. Komt vanzelf, dacht ik. Op straat hadden ze hun winterjassen en mutsen weer uit de kast getrokken en ik zag menig man naar mij wijzen... Onze gids Joël had een jas en lange broek aan.
Over een bumpy road door de savanne reden we op een rotsformatie uit het jurassic tijdperk af.
We stapten uit en liepen de rotsformatie in. Daar, op enkele honderden meters van de savanne liepen we een andere wereld in. Prachtig, adembenemende rotsen omringden ons, in alle kleuren, bruin, diep rood, groen, geel, paars. Het was zeer indrukwekkend. Onderweg hebben we nog wandelende takken gespot en uiteraard even over mijn hand laten wankelen. We hebben deze vroeger beide als huisdier gehad en wisten dat ze hier leefden, dus gevraagd of Joël ze wilde zoeken voor ons.
De wind zette op en ik wist dat de laag kippenvel over mijn lichaam nog wel even zou aanhouden. Andere toeristen lachten om de dik ingepakte gids en de uiterst zomers geklede toerist erachter. Het was 19 graden. De dag ervoor was het op dit tijdstip (ongeveer 8 uur) al 28 graden.
Na een tocht door de fantastische Jura formaties kwamen we bij een kleine oase. Palmbomen, helder water en een idyllisch natuurlijk zwembad tussen de rotsen deden ons vermoeden dat we in het paradijs waren beland. Eerlijk, dit moet een van de mooiste plekjes op aarde zijn!
Het water in het paradijs was zo'n 20 graden (Tobias had en thermometer mee en nam overal de stand op). Het water was dus een graad warmer dan de lucht. Na even wikken en wegen zijn we er, nadat onze gids Joël (wat een ouwe baas was dat!) erin sprong, ook gewoon ingedoken. Het water was kraakhelder, recht uit de rotsen. De kleine waterval maakte het beeld, gevoel en de klanken helemaal af. We genoten van onze duik in het paradijselijke stukje aarde, omringt door niets dan steen, honderden meters de lucht in.
Toen we eruit gingen trokken de wolken weg voor de zon en klom de temperatuur direct naar 24 graden.
We liepen over een uitgestrekte vlakte savanne tussen de rotsen en besefte ons wat een geluk we hadden dat het (inmiddels) maar 26 graden was. Als we hier een dag eerder met 40 graden hadden gelopen waren we levend gegrild!
Onder steentjes hebben we gezocht naar schorpioenen en die hebben we ook gevonden. :) Boven ons vlogen valken en andere grote roofvogels.
Aan het eind van de vlakte daalden we af tussen de rotsen om door de Canyon langs de rivier door te wandelen. Wat zich hier voor een schoonheid aan ons presenteerde is bijna niet te beschrijven, maar ik zal het proberen. Stel je voor, aan twee kanten prachtige rotsen, recht omhoog. Ertussen een klein riviertje van slechts een paar meter breed en enkele decimeters diep (in het regenseizoen is deze vele malen groter). Heel veel groen, wit zand naast het water en steentjes en rotsen waar je overheen loopt en klautert. Het geluid van kabbelend water, kleine watervalletjes, fluitende prachtige vogels, mos tegen de wanden, varens op de rotsen, kikkervisjes in het water, boomstammen over de rivier. Op sommige stukjes vormde het riviertje een mini meertje met een wit zand strandje ernaast. Onbeschrijfelijk mooi! Dat zoiets midden in een gebied dat alleen uit savanne lijkt te bestaan!
Na elke bocht verzuchtte ik opnieuw "wat is het hier ongelooflijk mooi".
Na een paar uur hiken kwamen we bij de Blue Pool, een kleine oase naast het beekje, helder blauw van kleur, en 50 meter verder de Black Pool, een wat diepere oase met kraakhelder water maar dan 5-7 meter diep waardoor het zwart leek. Hier hebben we heerlijke gezwommen en gespeeld. Gedoken, tegen rotsen opgeklommen en in het water gesprongen en ons broodje gegeten. Onvergetelijk. Een dag in het paradijs. Nog de berg opgehiked en in een andere prachtige natuurlijke pool gezwommen.
Toen we terug kwamen waren we er helemaal stil van, zo veel schoonheid, zo'n heerlijke dag. Zo onverwacht. Wat heeft Madagascar veel uiteenlopende, mooie, bijzondere plekken. Een wonderschoon paradijs, als je weet waar je moet kijken....
De volgende dag nog twee Canyons aan de andere kant van het park bekeken, de Maki Canyon en de Rat Canyon. Beide weer met hun eigen schoonheid en met een oase die de koning vroeger tot zijn badplaats had gemaakt. Nou dat snap ik wel, koninklijk!
Konden we zoiets maar in onze achtertuin maken, een stukje van dit paradijs meenemen. Misschien dat ik de volgende keer als ik in bed lig mijn ogen sluit en even terug vlieg naar Madagascar, en het paradijs tussen de rotsen weer om me heen fantaseer...
Het weer in Madagascar is gedraaid. Het regent pijpenstelen, de savanne drinkt alsof haar leven ervan af hangt (dat zal ook best zo zijn), mensen lopen dik ingepakt rond. We slapen onder een deken en hebben een trui aan in de auto. Het is koud buiten, 15 graden, op een plek waar het kwik 3 dagen terug nog net boven de 40 graden steeg. We hebben nog 1 park te bezoeken (met Indri Indri's) en verder alleen rijdagen terug naar het noorden in het vooruitzicht. Het bezoek aan dit bijzondere land zit er bijna op, en we zijn voldaan. We hebben Madagascar gezien zoals we het wilden zien en het was een prachtige onvergetelijke ervaring. Ik voel me rijk en tevreden.
We zijn erg moe en Tobias voelt zich belabberd (buik), dus we doen lekker rustig aan.
Zondag vliegen we naar een volgend avontuur, een andere wereld, een berg aan nieuwe indrukken en ervaringen, Zuid Afrika
Geen opmerkingen:
Een reactie posten